PAS algemeen

In de Wet natuurbescherming is een verbod opgenomen met betrekking tot extern salderen. Het verbod op extern salderen is beperkt tot projecten en inrichtingen die zijn opgenomen is in de Wet Milieubeheer (artikel 1.1 lid 3).

 

 

Soms kan het voorkomen dat een afname van de emissie tot een toename van de depositie leidt. De toename in depositie wordt dan veroorzaakt door (kleine) verschillen in de emissiepunten tussen situatie 1 en 2.

Bij verplaatsing van een kwantitatief gelijkblijvende emissie is het logisch gevolg dat op sommige plekken de depositie toeneemt en op andere plekken afneemt. Als er zowel verplaatsing en afname van de emissie plaats vindt, ligt het aan de verhouding van de verandering van deze beide factoren of er op een bepaalde plek een toename of afname van depositie zal zijn.

Ook een hogere uitstoothoogte kan op enige afstand van het emissiepunt leiden tot een toename van de depositie. De uitgestoten stoffen kunnen dan namelijk verder getransporteerd worden dan bij een lagere uitstoothoogte.

Gemiddeld is de stikstofuitstoot iets hoger in Nederland dan in andere Europese landen. Belangrijker is dat de afstand tussen de bron en Natura 2000-gebieden in Nederland vaak heel klein is, waardoor de neerslag van stikstof in natuurgebieden relatief hoog is.

De PASProgramma Aanpak Stikstof. heeft betrekking op Natura 2000-gebieden waarbinnen ten minste één stikstofgevoelig beschermd habitattype en/of leefgebied voor beschermde soorten voorkomt dat te maken heeft met overbelasting door stikstof. Dit is het geval voor 118 Natura 2000-gebieden. Voor een overzicht van alle gebieden die zijn opgenomen in de PAS, klik hier.

Ja, de Passende Beoordeling is alleen een beoordeling voor activiteiten die stikstof uitstoten. Het Programma Aanpak Stikstof, de passende beoordeling en de gebiedsanalyses tonen samen aan dat door het toedelen van ontwikkelingsruimteHet deel van de depositieruimte per Natura 2000-gebied dat binnen de PAS beschikbaar wordt gesteld voor het realiseren van nieuwe of uitbreiding van bestaande (economische) activiteiten die een vergunning nodig hebben. voor stikstof de natuurkwaliteit niet achteruit zal gaan en dat de natuurdoelstellingen (op termijn) kunnen worden gehaald. Maar er zijn ook andere factoren die een negatief effect op de natuur kunnen hebben, zoals geluid en licht. Voor deze factoren moet ook een Passende Beoordeling worden geleverd. De PASProgramma Aanpak Stikstof. voorziet hier niet in.

De beschermde natuurmonumenten die in een van de 118 Natura 2000-gebiedEen natuurgebied dat onderdeel uitmaakt van het Europese netwerk van natuurgebieden ‘Natura 2000’. liggen zijn meegenomen in de PASProgramma Aanpak Stikstof. . De overige beschermde natuurmonumenten zijn niet meegenomen. 

Depositiegegevens uit het buitenland worden door het RIVM geleverd. AERIUS neemt deze mee in de berekeningen. Het RIVM krijgt de gegevens uit het buitenland van het EMEP (European Monitoring and Evaluation Programme). Het RIVM gaat ervan uit dat de Europees afgesproken emissieplafonds in het buitenland (NEC) in de toekomst niet overschreden worden.

 

Ja, de Noord-Brabantse beleidsregel (‘Beleidsregel natuurbescherming Noord-Brabant‘) kan ook gelden voor bedrijven uit andere provincies. Sommige onderdelen van deze beleidsregel zijn uitsluitend van toepassing op bedrijven gelegen in Noord-Brabant. In artikel 1.6 staat aangegeven op welke onderdelen dit betrekking heeft. Meer informatie vindt u op de website van de provincie Noord-Brabant ‘Beleidsregel natuurbescherming Noord-Brabant’.

 

U kunt habitatkaarten vinden op het Nationaal Georegister, de website waar de habitatkaarten conform INSPIRE (EU richtlijn) worden gepubliceerd. 

Download hier de data met een GIS-applicatie. 

AERIUS Algemeen

In het AERIUS-systeem zijn meer dan 1 miljoen stikstofbronnen verzameld voor alle sectoren in Nederland en het buitenland die stikstofemissie hebben. AERIUS berekent de stikstofdepositieHet neerslaan van stikstof uit de lucht op een oppervlakte. De depositie wordt uitgedrukt in mol per hectare per jaar (mol/ha/jaar). die een bron veroorzaakt op basis van specifieke gegevens over de stikstofbron en informatie over de meteorologische condities, terreinruwheid en landgebruik. Gegevens zijn afkomstig van onder andere het Rijksinstituut voor Volksgezondheid en Milieu (RIVM), het Planbureau voor de Leefomgeving (PBL) en het Geografisch Informatiesysteem Agrarische Bedrijven (GIAB). In de factsheets van AERIUS kunt u meer informatie vinden over berekeningen. 

 

De berekende depositiewaarden kunnen enkele tientallen procenten afwijken van de werkelijke depositie. De modelonzekerheden spelen echter een veel minder grote rol wanneer verschillende jaren of scenario’s met elkaar worden vergeleken. Omdat de depositie in alle gevallen op eenzelfde manier worden berekend, vallen de systematische fouten tegen elkaar weg. Voor meer informatie, zie het doelmatigheidsonderzoek van TNO en de internationale reviews.

 

Ja, via het Landelijke Meetnet Luchtkwaliteit (LML) en Meetnet Ammoniak in Natuurgebieden (MAN). Op basis van deze meetresultaten worden de te hanteren achtergrondconcentraties en emissiegegevens voor AERIUS jaarlijks gevalideerd en zo nodig bijgesteld.

 

Invoer AERIUS Calculator

Maak daarvoor een berekening van de totale stikstofdepositieHet neerslaan van stikstof uit de lucht op een oppervlakte. De depositie wordt uitgedrukt in mol per hectare per jaar (mol/ha/jaar). (projecteffectHet zelfstandige depositie-effect van het project of de andere handeling waarvoor toestemming wordt gevraagd. ) afhankelijk van de projectduur.

Eenvoudigste manier om het projecteffect van een tijdelijk projectBinnen de Nb-wet is een project een handeling die leidt tot mogelijk significant negatieve gevolgen op een Natura 2000-gebied en waarvoor een passende beoordeling opgesteld dient te worden. te bepalen: Geef de totale projectemissie over de gehele projectperiode aan, in combinatie met de duur van één jaar. De berekening middelt dan het totale projecteffect over de gehele PASProgramma Aanpak Stikstof. -periode (zes jaar).

Voor een verder toelichting of voorbeelden zie de Instructie Calculator

GML’s ouder dan IMAER versie 0.5 zijn niet meer in te lezen in Calculator of Register. Dit is in de release notes van AERIUS op 30 juni 2015 medegedeeld.

Dat betekent dat u als gebruiker van AERIUS CalculatorAERIUS Calculator berekent de emissie van stikstof als gevolg van (economische) activiteiten en de depositie op Natura 2000-gebieden. De resultaten daarvan kunnen onder de PAS worden gebruikt voor het aanvragen van een vergunning of het doen van een melding. oude GML’s moet updaten. Een makkelijke oplossing is om in de header van de GML de versie aan te passen naar IMAER 1.0. Dit gaat in veel gevallen goed, behalve bij stal- en wegenberekeningen. In die gevallen moet er een nieuwe GML gemaakt worden. 

Uitkomsten AERIUS Calculator

De pdf van een verschilberekening geeft informatie over de hoogste depositie in de beoogde situatieGewenste situatie na het realiseren van de voorgenomen activiteit. (situatie 2) weer, maar niet voor de uitgangssituatie (situatie 1).

Om de hoogste depositie voor zowel situatie 1 als 2 te achterhalen, zijn er twee mogelijkheden:
- Exporteer twee aparte pdf-bestanden: een pdf met daarin alleen situatie 1 en een pdf met daarin alleen situatie 2. Deze pdf-bestanden tonen de maximale depositie per situatie.
- Importeer de pdf met de verschilberekeningen in de AERIUS CalculatorAERIUS Calculator berekent de emissie van stikstof als gevolg van (economische) activiteiten en de depositie op Natura 2000-gebieden. De resultaten daarvan kunnen onder de PAS worden gebruikt voor het aanvragen van een vergunning of het doen van een melding. (via de knop ‘Importeren’). Na het opnieuw doorrekenen toont Calculator altijd het maximale effect in situatie 1 ten opzichte van situatie 2.

Een groen vinkje geeft een grove indicatie dat er nog ontwikkelingsruimteHet deel van de depositieruimte per Natura 2000-gebied dat binnen de PAS beschikbaar wordt gesteld voor het realiseren van nieuwe of uitbreiding van bestaande (economische) activiteiten die een vergunning nodig hebben. beschikbaar is voor de reeds toegekende aanvragen. Dit geldt dus ook voor uw aanvraag. 
Een rood kruis geeft een grove indicatie dat er zeer waarschijnlijk niet voldoende ontwikkelingsruimte beschikbaar is voor uw aanvraag.

 

Door de nieuwe versies van Calculator en Register kunnen berekeningen andere resultaten opleveren dan berekeningen die nog zijn uitgevoerd met de vorige versies. Voor het bepalen van de vergunningplicht en een mogelijk beroep op ontwikkelingsruimteHet deel van de depositieruimte per Natura 2000-gebied dat binnen de PAS beschikbaar wordt gesteld voor het realiseren van nieuwe of uitbreiding van bestaande (economische) activiteiten die een vergunning nodig hebben. is Calculator 2015 vanaf 15 december leidend.

De pdf van een verschilberekening geeft geen informatie over de hoogste depositie in de uitgangssituatie (situatie 1) of de beoogde situatieGewenste situatie na het realiseren van de voorgenomen activiteit. (situatie 2). Dit pdf-type toont namelijk alleen gegevens van hexagonen met het hoogste depositieverschil.

Om de hoogste depositie in een enkele situatie te achterhalen zijn er twee mogelijkheden:

  • Exporteer twee separate pdf-bestanden: een pdf van alleen situatie 1 en een pdf van alleen situatie 2. Deze pdf-bestanden tonen wel de maximale depositie per situatie.
  • Importeer de pdf met de verschilberekeningen in de Calculator (via de knop 'Importeren'). Na het opnieuw doorrekenen toont Calculator wel altijd het maximale effect in situatie1 versus situatie 2.

Melding indienen en vergunning aanvragen

Het bevoegd gezagHet bestuursorgaan dat de bevoegdheid heeft om op grond van de Nb-wet een vergunning of een verklaring van geen bedenkingen af te geven. van een melding is de provincie waar de activiteitTerm die in het kader van de Nb-wet gebruikt wordt voor een voorgenomen nieuwe ontwikkeling, een voorgenomen wijziging van een bestaande activiteit of een bestaande situatie. Hieronder vallen zowel projecten als andere handelingen. ligt. Als de activiteit is opgenomen in het besluit vergunningen Wet natuurbescherming (voorheen Natuurbeschermingswet 1998) is het ministerie van Economische Zaken het bevoegd gezag. Omdat het bevoegd gezag in dit geval gekoppeld is aan de locatie van de activiteit zorgt Calculator ervoor dat de melding direct bij het juiste bestuursorgaan terecht. Uitzondering zijn de activiteiten waarvoor het ministerie van Economische Zaken bevoegd gezag is. Neem in dat geval voordat u een melding doet contact op met het ministerie. Lees meer over meldingsplicht. 

De uitkomsten in de geëxporteerde pdf uit AERIUS CalculatorAERIUS Calculator berekent de emissie van stikstof als gevolg van (economische) activiteiten en de depositie op Natura 2000-gebieden. De resultaten daarvan kunnen onder de PAS worden gebruikt voor het aanvragen van een vergunning of het doen van een melding. zijn leidend voor het bepalen wie het bevoegd gezagHet bestuursorgaan dat de bevoegdheid heeft om op grond van de Nb-wet een vergunning of een verklaring van geen bedenkingen af te geven. is. Dat geldt niet voor een geëxporteerde pdf van een verschilberekening. Dit geldt wel voor de pdf waarin een berekening is gemaakt voor het projecteffectHet zelfstandige depositie-effect van het project of de andere handeling waarvoor toestemming wordt gevraagd. , de beoogde situatieGewenste situatie na het realiseren van de voorgenomen activiteit. of het feitelijk gebruikGebruik per 1 januari 2015, te bepalen aan de hand van de hoogste depositie in de periode 1 januari 2012 tot en met 31 december 2014, passende binnen de op 1 januari 2015 geldende omgevingsvergunning of vergunning op grond van Wet milieubeheer of Hinderwet. Dit wordt ook wel de bestaande situatie genoemd. .                                        

Let op: de beoogde situatie is ook herleidbaar uit de pdf van een verschilberekening, aangezien hierin de hoogste depositie in situatie 2 (=beoogd) wordt getoond. 

Voor het doen van een melding in AERIUS is eHerkenning met het minimale betrouwbaarheidsniveau EH2 nodig. Om hiervan gebruik te kunnen maken, schakelt u een eHerkenningsmakelaar in. De eHerkenningsmakelaar is uw eerste aanspreekpunt voor alles dat met aansluiten op eHerkenning te maken heeft. De eHerkenningsmakelaar adviseert, is uw partner in het aansluitproces en zorgt voor de technische koppeling. Er zijn zes providers die zijn erkend door de beheerorganisatie en alleen zij mogen eHerkenning leveren.

U kiest zelf met welke eHerkenningsmakelaar u een contract afsluit. Een stappenplan waarmee u door de belangrijkste aspecten in het aansluitproces wordt geleid, vindt u op de website van eHerkenning. 

Er is geen limiet aan het aantal meldingen, maar wel aan de totale depositie die deze meldingen samen mogen veroorzaken. Als u al eerder een melding heeft gedaan en nu een nieuwe melding wilt doen, mag de gecombineerde depositie die deze meldingen veroorzaken niet de grenswaardeVoor initiatieven die een maximale toename van de stikstofdepositie veroorzaken die onder de grenswaarde ligt op een voor stikstof gevoelig habitattype, geldt geen vergunningsplicht. Voor de sectoren industrie en landbouw, voor het gebruik van gemotoriseerde voertuigen voor wedstrijden en voor infrastructuur geldt wel een meldingsplicht. van 1 mol per hectare per jaar overschrijden. Is dit wel het geval, dan moet u een vergunning aanvragen.

Let op: zodra reeds 95 procent van de ontwikkelingsruimteHet deel van de depositieruimte per Natura 2000-gebied dat binnen de PAS beschikbaar wordt gesteld voor het realiseren van nieuwe of uitbreiding van bestaande (economische) activiteiten die een vergunning nodig hebben. vergeven is, geldt een vergunningsplicht vanaf een grenswaarde van 0,05 mol per hectare. 

Bij vergunningaanvragen in het kader van de Wet natuurbescherming (WnbWnb staat voor Wet natuurbescherming. Vanaf 1 januari 2017 gaat deze nieuwe Natuurwet in. Deze wet vervangt drie wetten: de Natuurbeschermingswet 1998, de Flora- en faunawet en de Boswet. ) zijn doorgaans de provincies het bevoegd gezagHet bestuursorgaan dat de bevoegdheid heeft om op grond van de Nb-wet een vergunning of een verklaring van geen bedenkingen af te geven. . In specifieke situaties is de minister van Economische Zaken het bevoegd gezag (zie hiervoor het Besluit natuurbescherming 2016).
Dien uw aanvraag voor een Wnb-vergunning in bij de provincie waarbinnen het Natura 2000-gebiedEen natuurgebied dat onderdeel uitmaakt van het Europese netwerk van natuurgebieden ‘Natura 2000’. ligt waar uw activiteitTerm die in het kader van de Nb-wet gebruikt wordt voor een voorgenomen nieuwe ontwikkeling, een voorgenomen wijziging van een bestaande activiteit of een bestaande situatie. Hieronder vallen zowel projecten als andere handelingen. effect op heeft. Als de activiteit gevolgen kan hebben voor meerdere Natura 2000-gebieden, is het bevoegd gezag de provincie waar de meeste stikstofdepositieHet neerslaan van stikstof uit de lucht op een oppervlakte. De depositie wordt uitgedrukt in mol per hectare per jaar (mol/ha/jaar). plaatsvindt. 
De provincie neemt alle andere Natura 2000-gebieden waar de activiteit een toename op veroorzaakt mee in de besluitvorming, dus ook de gebieden buiten haar provincie (wel in overeenstemming met de andere provincies).
In de pdf van de berekening in Calculator is aangegeven bij welke provincie u uw vergunning moet indienen. Lees meer over vergunning aanvragen.

 

Connect

De snelheid waarin de resultaten worden gegenereerd, is afhankelijk van de grootte van de berekening, maar ook van het aantal berekeningen dat nog in de wachtrij staat. Daarom is van tevoren niet aan te geven hoe lang u moet wachten op het resultaat van een berekening via AERIUS Connect.

AERIUS Connect ondersteunt alleen GML-bestanden. Het is mogelijk om een gezipte (gecomprimeerde) GML aan te bieden. Dit kan het inladen van grote bestanden vergemakkelijken. U kunt een GML of een gezipte GML voor verzending controleren met de GML-validator.

 

Dat is met de release van 15 december 2015 mogelijk. Lees voor meer informatie dit bericht. Goed om te weten is dat een vergunningsbijlage-pdf niet limiterend is voor een vergunningsaanvraag. Voor bijvoorbeeld prioritaire projecten kunt u een gml aanleveren in plaats van een AERIUS pdf.

Waarschijnlijk niet.

Scenario

AERIUS ScenarioAERIUS Scenario is een nieuw product van AERIUS waarmee rekenresultaten direct kunnen worden bekeken. Met AERIUS Scenario kunt u gemakkelijk een vergelijking maken tussen verschillende versies van een project. De tool is niet geschikt om beleidsanalyses te doen. De functionaliteiten van Scenario zijn op dit moment nog beperkt. U kunt een GML-bestand met rekenresultaten of een gezipt bestand met één of twee GML-bestanden met rekenresultaten inlezen in Scenario. Het programma leest vervolgens de resultaten en toont deze op de kaart. De tabel met depositieresultaten, de kaartlagen, en de zoekfunctie zijn gelijk aan Calculator. In de taakbalk van Scenario staat in plaats van het tandwieltje met de rekenconfiguratie zoals in Calcualtor, een label waaronder de metagegevens van de GML te vinden zijn: referentie (AERIUS kenmerk), projectnaam, beschrijving, corporatie, stad, postcode, adres, voortouwnemer. De bronnen van de berekening worden niet getoond in Scenario. maakt het mogelijk om rekenresultaten, opgeslagen als GML, uit Calculator of Connect te bekijken in een ‘Scenario Viewer’. Met AERIUS Scenario kunt u verschillende berekeningen van een projectBinnen de Nb-wet is een project een handeling die leidt tot mogelijk significant negatieve gevolgen op een Natura 2000-gebied en waarvoor een passende beoordeling opgesteld dient te worden. met elkaar vergelijken.

U kunt een GML-bestand met rekenresultaten of een gezipt bestand met één of twee GML-bestanden met rekenresultaten in Scenario invoeren. Het programma leest vervolgens de resultaten en toont deze op de kaart. De zoekfunctie, kaartlagen zijn gelijk aan AERIUS CalculatorAERIUS Calculator berekent de emissie van stikstof als gevolg van (economische) activiteiten en de depositie op Natura 2000-gebieden. De resultaten daarvan kunnen onder de PAS worden gebruikt voor het aanvragen van een vergunning of het doen van een melding. . In de taakbalk van Scenario staat in plaats van het tandwieltje met de rekenconfiguratie zoals in Calculator, een label waaronder de metagegevens van de GML te vinden zijn: referentie (AERIUS kenmerk), projectnaam, beschrijving, corporatie, stad, postcode, adres, voortouwnemer. De bronnen van de berekening worden niet getoond in Scenario.

Herstelmaatregelen/gebiedsanalyses/beheerplannen

Ja, de beheerplannen van Natura 2000-gebieden horen bij de PASProgramma Aanpak Stikstof. . De gebiedsanalyses vormen input voor de beheerplannen. Beheerplannen worden niet alleen voor PAS-gebieden, maar voor alle Natura 2000-gebieden gemaakt, en bevatten ook maatregelen die niets met stikstof te maken hebben.

Er zijn veel soorten herstelmaatregelen. Denk bijvoorbeeld aan intensiever begrazen, maaien of het verhogen van de grondwaterstand. Meer informatie over de herstelmaatregelen per habitattype is te vinden in het AERIUS Monitor hierin staan de gebiedssamenvattingen, het Programma Aanpak Stikstof en de gebiedsanalyses.

Een gebiedsanalyse beschrijft voor een gebied welke beschermde habitattypen er voorkomen, wat de huidige staat van de natuur is, in hoeverre verwacht wordt dat stikstof de komende jaren een belasting zal vormen, de keuze van herstelmaatregelen en een ecologisch oordeel over het behalen van de instandhoudingsdoelstellingen.

Voor elk gebied hebben ecologen een oordeel gegeven over de haalbaarheid van de natuurdoelen: het ecologisch oordeel. Hierbij is uitgegaan van de verwachte ontwikkeling van de stikstofdepositieHet neerslaan van stikstof uit de lucht op een oppervlakte. De depositie wordt uitgedrukt in mol per hectare per jaar (mol/ha/jaar). en een goede uitvoering van de herstelmaatregelen. Voor alle gebieden is een pakket van  herstelmaatregelen samengesteld dat gericht is op de kwaliteit van de natuur verbeteren en verslechtering voorkomen.